HPV en HPV-gerelateerde hoofd- en halskankers: waarom vroege diagnose essentieel blijft

21 juli 2026

Hoofd- en halskankers werden lange tijd vooral in verband gebracht met tabak en alcohol. Maar er is ook een andere oorzaak, namelijk een virus: het humaan papillomavirus (HPV).

  • HPV

“Een symptoom dat langer dan drie weken aanhoudt, mag je nooit negeren.”

In totaal worden er jaarlijks meer dan 1.000 nieuwe kankers rechtstreeks aan HPV toegeschreven, verspreid over verschillende organen. Specialisten zien een sterke toename van HPV-gerelateerde kankers, vooral ter hoogte van de orofarynx — het gebied rond de amandelen en achteraan in de keel.

Die verschuiving betekent een ingrijpende verandering van het profiel van de patiënten, de uitdagingen op het vlak van preventie en de manier waarop de zorg georganiseerd moet worden.

Volgens dr. Stéphanie Henry, medisch oncoloog aan het CHU UCL Namur, site Sainte-Élisabeth, gespecialiseerd in hoofd- en halskankers en gynaecologische kankers, is het belangrijk om zowel de bevolking als zorgverleners beter bewust te maken van de vroege signalen van deze kankers.

Zeldzame kankers… maar in sommige regio’s opvallend aanwezig

Hoofd- en halskankers blijven in België relatief zeldzaam (ongeveer 2.700 nieuwe diagnoses per jaar), zeker in vergelijking met veel vaker voorkomende kankers zoals borstkanker (meer dan 11.600 nieuwe diagnoses per jaar) of prostaatkanker (meer dan 12.400 nieuwe diagnoses per jaar). Toch verschilt die realiteit sterk naargelang de regio en de sociaaleconomische context.

In haar praktijk stelt dr. Henry vast dat bepaalde voormalige industriële en mijnregio’s, die historisch gezien meer kansarmoede kenden en sterker werden blootgesteld aan klassieke risicofactoren zoals alcohol en/of tabak, bijzonder zwaar getroffen blijven.

Maar sinds enkele jaren zien specialisten een belangrijke verschuiving met de opkomst van HPV-gerelateerde orofarynxkankers.

Een nieuwe vorm van kanker gelinkt aan HPV

Volgens dr. Henry vormen HPV-gerelateerde kankers vandaag een duidelijk aparte categorie binnen de hoofd- en halskankers.

Deze kankers ontstaan vooral in de orofarynx en treffen steeds vaker jonge patiënten zonder de klassieke risicofactoren, soms al op 30- of 40-jarige leeftijd.

“Tien jaar geleden waren deze gevallen nog vrij zeldzaam in mijn praktijk. Vandaag zie ik elk jaar meer orofarynxkankers, en meer dan een op de drie is gelinkt aan HPV.”

Dr. Henry merkt in haar klinische praktijk ook op dat deze kankers zich biologisch vaak anders gedragen en in veel gevallen een betere prognose hebben dan kankers die verband houden met tabak en alcohol – al neemt dat voordeel sterk af bij patiënten die blijven roken.

Bij een vergelijkbaar stadium van de kanker zijn de vooruitzichten doorgaans veel beter bij HPV-gerelateerde tumoren. Daarom werd er ook een aparte classificatie ontwikkeld voor orofarynxkankers veroorzaakt door HPV.

De opkomst van HPV-gerelateerde kankers maakt ook duidelijk dat het tijd is om oude stereotypen los te laten.
“We moeten stoppen met denken dat deze kankers alleen voorkomen bij zware rokers of mensen die veel alcohol drinken. Vandaag kan iedereen ermee geconfronteerd worden.

Het humaan papillomavirus komt zeer vaak voor en het merendeel van de bevolking wordt er ooit in het leven aan blootgesteld. Daarom moet HPV in de eerste plaats gezien worden als een uitdaging voor de volksgezondheid en niet als een taboe of iets stigmatiserends.

Vaak miskende symptomen

Een van de grootste uitdagingen blijft een vroege diagnose. De eerste symptomen lijken vaak onschuldig en worden gemakkelijk verward met een tijdelijke infectie of irritatie.

Toch benadrukt dr. Henry telkens opnieuw hetzelfde: geen enkel symptoom in de mond of keel mag langer dan drie weken aanhouden.

De meest voorkomende alarmsignalen zijn:

  • aanhoudende keelpijn,
  • een zwelling of knobbel in de hals,
  • slikproblemen,
  • oorpijn,
  • veranderingen van de stem,
  • een wondje in de mond dat niet geneest,
  • onverklaard gewichtsverlies.

HPV-gerelateerde kankers zijn soms moeilijk vroegtijdig op te sporen. Sommige letsels blijven onopgemerkt in de keel terwijl er al vergrote lymfeklieren in de hals aanwezig zijn.

“Soms zie je met het blote oog bijna niets. Dan zijn systematische biopsieën nodig om de letsels te identificeren.”

Volgens dr. Henry is het ook essentieel om huisartsen en tandartsen beter bewust te maken van deze problematiek, zodat diagnoses niet onnodig vertraagd worden. Zo spelen tandartsen een belangrijke rol in het herkennen van hardnekkige letsels in de mond of problemen veroorzaakt door slecht passende tandprothesen bij oudere patiënten.

Daarnaast moet er ook aandacht zijn voor nieuwe opkomende risicofactoren, met name geïnhaleerde stoffen zoals cannabis.

Achter de behandelingen: levens op hun kop

Hoofd- en halskankers treffen functies die essentieel zijn in het dagelijks leven: spreken, eten, slikken en ademen. Bovendien zijn deze kankers vaak erg zichtbaar. Hoewel behandelingen patiënten vandaag in veel gevallen kunnen genezen, kunnen de gevolgen op lange termijn ernstig en soms verminkend zijn.

Een blijvend droge mond, slikproblemen, smaakverandering, chronische vermoeidheid of stemproblemen kunnen de levenskwaliteit blijvend aantasten.

Bij jongere patiënten reiken de gevolgen veel verder dan het medische aspect. Dr. Henry ziet geregeld patiënten die volop in hun professionele en familiale leven staan en zichzelf absoluut niet als risicopersoon beschouwden. Van de ene dag op de andere moeten sommigen maandenlange zware behandelingen ondergaan, met ingrijpende fysieke, psychologische, sociale en soms ook professionele gevolgen. Voor patiënten die voordien gezond waren, kunnen die behandelingen bijzonder zwaar om dragen zijn.

Dr. Henry vestigt ook de aandacht op een groep die steeds groter wordt: oudere en kwetsbare patiënten. Door de vergrijzing zien medische teams meer mensen die op het moment van de diagnose al kampen met gewichtsverlies, slikproblemen, ondervoeding of problemen veroorzaakt door slecht passende tandprothesen.

Volgens haar stelt deze ontwikkeling oncologische en geriatrische teams voor groeiende uitdagingen en onderstreept ze opnieuw het belang van een vroege diagnose om de impact van de behandeling op de levenskwaliteit zo beperkt mogelijk te houden.

Vroege diagnose, betere behandeling

Een vroege diagnose blijft een van de belangrijkste factoren om de kans op genezing te vergroten en blijvende gevolgen te beperken.

Als de kanker in een vroeg stadium wordt ontdekt, zijn de behandelingen vaak beperkter en minder ingrijpend. Sommige gespecialiseerde teams kunnen vandaag zeer nauwkeurige chirurgische ingrepen uitvoeren, soms met robotondersteuning, waardoor de levenskwaliteit van patiënten beter behouden blijft.

Kankers die pas in een later stadium worden vastgesteld, vereisen daarentegen vaak een combinatie van behandelingen: uitgebreide chirurgie, radiotherapie, chemotherapie en soms ook immunotherapie.

“Hoe verder de kanker gevorderd is, hoe zwaarder de behandelingen en hoe groter het risico op blijvende gevolgen.”

De juiste zorg op de juiste plaats

Naast een vroege diagnose is ook de concentratie van de behandeling van hoofd- en halskankers in gespecialiseerde centra een belangrijke uitdaging. Studies tonen aan dat patiënten die worden behandeld in ervaren centra een grotere kans op genezing hebben en vaker kunnen rekenen op een multidisciplinaire aanpak die is afgestemd op de complexiteit van deze aandoeningen.

“Hoofd- en halskankers zijn zeldzame en complexe aandoeningen. Hoe meer gevallen een centrum behandelt, hoe beter de uitkomst voor de patiënt.”

Volgens gegevens van het KCE bestaat er een reëel risico op slechtere resultaten als deze kankers worden behandeld in centra die jaarlijks te weinig gevallen zien.

In België wordt momenteel gedebatteerd over een hervorming van deze zorg, waarbij behandelingen van hoofd- en halskankers sterker zouden worden geconcentreerd in gespecialiseerde referentiecentra. Een en ander ligt echter gevoelig, omdat het belangrijke veranderingen met zich meebrengt voor veel ziekenhuizen.

“Daar is ook politieke moed voor nodig.”

Volgens de specialisten die betrokken zijn bij die discussies, is deze hervorming nochtans noodzakelijk om de kwaliteit van de zorg te verbeteren en ongelijkheden tussen patiënten te verminderen.

HPV-vaccinatie: een belangrijke uitdaging voor de volksgezondheid

Preventie betekent ook inzetten op een bredere vaccinatie tegen HPV.

Het humaan papillomavirus komt zeer vaak voor en het merendeel van de bevolking wordt er ooit in het leven aan blootgesteld. Vaccinatie blijft vandaag een van de meest doeltreffende manieren om verschillende HPV-gerelateerde kankers te voorkomen, waaronder bepaalde hoofd- en halskankers (HPV-geïnduceerde orofarynxkankers).

Dr. Henry benadrukt dat deze vaccinatie even belangrijk is voor jongens als voor meisjes.
“Lange tijd werd HPV uitsluitend geassocieerd met gynaecologische kankers. Maar ook jongens lopen risico, onder meer op hoofd- en halskankers, peniskanker en anale kanker.”

Volgens dr. Henry zijn de obstakels voor vaccinatie meestal eerder organisatorisch dan het gevolg van echte weerstand bij ouders. Voor vele gezinnen maakt de versnippering van zorgsystemen en -netwerken het vaccinatietraject soms ingewikkeld en onduidelijk.

“De meeste ouders staan positief tegenover vaccinatie. Het echte probleem is vaak organisatorisch. We moeten de zaken vereenvoudigen en de politieke moed hebben om efficiëntere en duidelijkere systemen uit te bouwen voor gezinnen.”

“Bagatelliseer een aanhoudend symptoom nooit”

De slotboodschap is eenvoudig: luister naar je lichaam en raadpleeg tijdig een arts als symptomen blijven aanhouden.

“Een symptoom dat langer dan drie weken aanhoudt, mag je nooit negeren. Hoe sneller we kunnen ingrijpen, hoe groter de kans op genezing en hoe beter we de levenskwaliteit van de patiënt kunnen behouden.”

Bij HPV-gerelateerde hoofd- en halskankers kunnen preventie, vaccinatie, sensibilisering en een vroege diagnose een wereld van verschil maken – niet alleen om levens te redden, maar ook om patiënten hun dagelijkse leven te laten behouden: thuis, in het gezin en op het werk.

Meer artikels

Een afwijkend uitstrijkje. Wat nu?

Jaarlijks krijgen bijna 9.000 vrouwen [1] een conisatie om voorloperletsels te behandelen. Voorloperletsels zijn afwijkende cellen in de baarmoederhals die zich kunnen ontwikkelen tot baarmoederhalskanker. Ze worden opgespoord via een uitstrijkje. Aan een conisatie gaat een colposcopie vooraf – een kijkonderzoek van de baarmoederhals. In “We hebben de tools in…

‘Met de juiste aanpak kunnen we anale kanker quasi uitroeien’

Anale kanker is zeldzaam, quasi altijd HPV-gerelateerd en vaak voorkombaar – dat is als we voorstadia tijdig kunnen opsporen. In een uitgebreid interview gaat dr. Magali Surmont (UZ Brussel) in op de aanpak van anale kanker in België. Ze zoomt in op de drie momenten waarop we het verschil kunnen…